Binnenkort
| • Oud papier actie maandag 21 mei |
| • Studiedag vrijdag 25 mei |
| • Pinksteren zondag 27 mei |
| 5. Resultaten van het onderwijs |
|
|
5.1 LeerlingvolgsysteemNaast de gebruikelijke testen en toetsmomenten van de gehanteerde methodes worden de kinderen twee maal per jaar op de vakgebieden taal/spelling, technisch lezen/begrijpend lezen, rekenen en wiskunde getest. Deze toetsen leveren ons informatie hoe onze leerlingen presteren t.o.v. een landelijke normering. Met dit volgsysteem zetten we de ontwikkelingen van onze leerlingen af tegen een objectief criterium. Na iedere toetsperiode bespreken de leerkrachten de groepsresultaten om te bezien welke acties al of niet ondernomen moeten worden. 5.2 Leerlingen die speciale aandacht nodig hebbenOnze school probeert leerlingen zoveel mogelijk die zorg te geven die ze nodig hebben. Kinderen hebben daar recht op. Dit kan per leerling verschillen. Daarom biedt de school extra hulp en begeleiding aan kinderen. Met deze zorg probeert de school te bereiken dat de leerling, door middel van een plan van aanpak toch het gewenste niveau bereikt. Wanneer uw kind ondanks deze extra begeleiding problemen blijft houden, zal er gekeken worden of een andere vorm van onderwijs beter bij uw kind past. De internbegeleider speelt hierbij een centrale rol, zij bewaakt het proces van de zorgverbreding binnen de school, overlegt met de groepsleerkracht. Onder zorgverbreding verstaat de school die extra aandacht die voor kinderen noodzakelijk is om het leerproces zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Onder zorgverbreding wordt verstaan:
Samenwerkingsverband FSL 39-06 voor betere leerlingenzorgOp alle basisscholen zijn er kinderen met leer- of gedragsproblemen, zo ook op onze school. We willen alle leerlingen, met of zonder problemen, zo veel mogelijk binnen de groep op onze eigen school begeleiden. Om deze reden werken we samen met andere scholen en met externe deskundigen. We hebben immers niet alle kennis zelf in huis. Om dit goed te organiseren, is met andere scholen op Voorne-Putten/Rozenburg het samenwerkingsverband FSL 39-06 opgericht. Binnen het samenwerkingsverband werken 38 basisscholen samen aan verbetering van de leerlingenzorg. Voor iedere leerling met problemen is er volgens ons een goede oplossing te vinden. Dat noemen we passend onderwijs. Het samenwerkingsverband heeft een Zorg Advies Team met kinderpsychologen, onderwijskundigen en orthopedagogen. Alle scholen kunnen dit team inschakelen. Voor sommige kinderen is een school voor speciaal basisonderwijs (SBO) een betere plek. Binnen FSL 39-06 beslist een commissie op een zorgvuldige manier over de toelating tot het SBO. Voor meer informatie zijn brochures beschikbaar op school. U kunt ook de website van het samenwerkingsverband raadplegen: www.fsl3906.nl. 5.3 De eindtoetsDe Mildenburgschool neemt ieder schooljaar in februari de eindtoets van het CITO af in groep 8. Behalve een verslag van de behaalde resultaten van de individuele leerlingen, ontvangen wij ook een schoolrapport. Dit schoolrapport geeft met een standaardscore aan wat onze school heeft gepresteerd in vergelijking met alle andere deelnemende scholen. Onze schoolscore (536,4) lag het afgelopen jaar boven het landelijke gemiddelde. 5.4 Leerling gebonden financieringHet beleid op de Mildenburg is er op gericht om bij aanmelding van een leerling met een handicap (rugzakleerling) per geval te beoordelen of plaatsing tot de mogelijkheden behoort. Dit is in het belang van het kind (ieder kind heeft recht op onderwijs) en dat van de school (kunnen we dit kind de juiste zorg en onderwijs bieden). Plaatsing van deze leerling hangt o.a. af van:
N.a.v. bovenstaande inventarisatie wordt besloten of het kind al dan niet op de Mildenburg wordt geplaatst. Het is voor beide partijen –ouders en school- van groot belang te beseffen dat succes afhangt van de juiste aanwezige voorwaarden. 5.5 Onderwijskundig rapportTer behoeve van onze schoolverlaters wordt een onderwijskundig rapport opgesteld. Dit rapport wordt voor het overgrote deel door de school ingevuld met specifieke gegevens betreffende de leerling t.a.v. zijn ontwikkeling, problemen die de leerling heeft ervaren enz. Daarnaast leveren de ouders ook hun gegevens aan. De hele rapportage wordt met de ouders doorgenomen en gezamenlijk door de school en ouders ondertekend. Vervolgens wordt het rapport opgestuurd naar de ontvangende school. 5.6 SchoolverlatersOnze schoolverlaters stromen over het algemeen door naar de scholen voor voortgezet onderwijs in Brielle, t.w. Het Maerlant College (VMBO / HAVO / VWO) en VMBO groen Wellantcollege. Een enkele leerling gaat naar het Penta College Bahûrim (Brielle) of G.S.G. "Helinium" te Hellevoetsluis. Hieronder vindt u de uitstroom gegevens vanaf 2007
5.7 UitstroomgegevensElk jaar verlaten leerlingen uit groep 8 onze school en starten binnen het voortgezet onderwijs met hun vervolgopleiding. Regelmatig ontvangen wij als school de behaalde resultaten van deze oud-leerlingen. Om u een idee te geven hoe onze schoolverlaters presteren in het voortgezet onderwijs vindt u hieronder de doorstroom gegevens. In deze lijst vindt u het schooladvies bao / plaatsing vo en de definitieve determinatie na een jaar voortgezet onderwijs.
We zijn als school best trots op onze oud-leerlingen. Zij laten zien dat ze hun plaats binnen het voortgezet onderwijs hebben gevonden. Het is eveneens prettig te kunnen constateren dat het schooladvies in meeste verwijzingen overeenkomt met de definitieve determinatie. Verklaring van bovenstaande afkortingen: VMBO GL = voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (gemengde leerweg). 5.8 Toelating, schorsing en verwijderingToelatingKinderen kunnen tot de basisschool worden toegelaten zodra ze 4 jaar zijn. Om alvast te wennen aan de school, mogen de kinderen vlak voor hun 4e verjaardag hun nieuwe school als gast bezoeken. Uiteraard gebeurt dit in overleg met de school. Een kind is echter leerplichtig met ingang van de eerste schooldag van de maand, die volgt op zijn/haar 5e verjaardag. SchorsingAls er sprake is van ernstig ongewenst gedrag door een leerling, waarbij psychisch en of lichamelijk letsel aan derden is toegebracht, of indien hiertoe een ernstige bedreiging ontstaat, dan kan tot schorsing of verwijdering van een leerling overgegaan worden. Ook de situatie waarin de school vindt dat het niet aan de zorgbehoefte van een leerling kan voldoen, kan een reden tot schorsing/verwijdering zijn. Schorsing, eventueel gevolgd door verwijdering zal als uiterste maatregel worden gehanteerd, bijvoorbeeld wanneer de leerling en de ouders herhaaldelijk erop zijn gewezen, dat het gedrag van de leerling ontoelaatbaar is, maar dat de situatie desondanks niet verbetert. Het schorsen maakt dan duidelijk aan de leerling en ouders dat de grens van aanvaardbaar gedrag bereikt is. Schorsing kan voor één of enkele dagen. Deze maatregel kan door de schoolleiding genomen worden, altijd na overleg met het bevoegd gezag en de inspectie en na melding aan de leerplichtambtenaar. Schorsing vindt plaats via een schriftelijk besluit, waarin de redenen/de noodzaak van de schorsing zijn vermeld. De schorsingsdag(en) zal (zullen) gebruikt worden om een gesprek te voeren met de ouders (eventueel met de leerling) om deze zeer ernstige waarschuwing te onderstrepen en afspraken te maken over het vervolgtraject. Bevoegd gezag neemt besluit over verwijdering Als schorsing niet helpt, kan verwijdering plaats vinden. Verwijdering kan plaats vinden als sanctie, maar ook als de school niet aan de zorgbehoefte van de leerling kan voldoen. Verwijdering is een ingrijpende maatregel, zowel voor de school als voor de leerling en diens ouders. Daarom beslist het bevoegd gezag / bestuur over de verwijdering. Het bevoegd gezag staat immers op wat grotere afstand van de dagelijkse praktijk en kan de kwestie dus ook met die afstand beoordelen. Dit kan de zorgvuldigheid die gevraagd wordt bij dit soort beslissingen, bevorderen. In principe is verwijdering zonder voorafgaande stappen (zoals gesprekken, gedragsafspraken, waarschuwingen, schorsen) mogelijk. Dan moet er wel sprake zijn van (wan)gedrag, waarbij onmiddellijke verwijdering geboden is. Uiteraard moeten daarbij zowel de belangen van de leerling als van de school goed tegen elkaar afgewogen worden; want verwijdering is niet niks en kan verstrekkende gevolgen hebben voor de leerling; anderzijds geldt dat de school de rust en veiligheid voor het totaal van de school (leerlingen en personeel) moet kunnen garanderen. Verwijdering zal dan ook pas kunnen gebeuren na een zorgvuldig gevoerde procedure. |







